Kralen
Het leven is een kralensnoer, Vol met gekleurde kralen
De draad is lang, de draad is kort,
Verschillend het aantal malen
Voor elk van ons, dat ons een kraal
Hiervoor word toegewezen,
Een keuze is er dikwijls niet,
Al zeg je: "ik had liever deze"
Gedachteloos gaan wij onze gang, Wij nemen en wij rijgen,
Tot het moment dat wij, o god,
Een diep zwarte in handen krijgen.
Dan staan wij stil, het hart vol pijn,
De kraal in onze handen,
Het snoer ligt klaar, de draad is stroef,
Dit rijgen word een offerande,
Wij buigen het hoofd, wij willen niet, en moeten toch weer rijgen,
Wij zoeken worstelend, maar `t zijn slechts
De grauwe die wij krijgen.
Tot eensklaps, o mijn god, heb dank!
Wij kunnen het niet geloven, En toch, in die donkere kralenberg
Komt er een pareltje naar boven!!!!!.
En nog een, nog een, nog een, dan, gaan onze ogen blijde open:
Wij voelen: ook wij mogen weer op lichtere kralen hopen.