![]()
De legende van de heilige Cunera

Op een dag vertrok Cunera, een engelse prinses met haar nichtje Ursula en nog wat andere meisjes voor een pelgrimstocht naar de heilige stad Rome. Bij het afscheid kreeg ze van haar moeder een mooie halsdoek.
Na een lange reis, een lange tijd van studie en gebeden, na de zegen te hebben ontvangen van paus Adrianus V vertrokken de meisjes over de onveilige bergen weer naar huis. Ze hadden een escorte van de paus tot aan boord van het schip, waar ze de Rijn mee afvoerden. Alles verliep voorspoedig tot aan Keulen.
Het schip werd overvallen door barbaren en alleen Cunera, die in het water was gevallen, overleefde het bloedbad.
Aan de andere oever van de Rijn bevond zich koning Radboud van Rhenen, hij was ooggetuige van het gebeuren, zonder dat hij er wat aan kon doen. Hij viste Cunera uit het water, bedekte haar met zijn mantel en nam haar voor op zijn paard mee naar Rhenen.
Hier werd ze heel hartelijk ontvangen en ze herstelde zeer voorspoedig van haar vreselijke ervaringen.
Al gauw trok ze zich het lot aan van de zieken en armen buiten de poort. Daar er nog veel heidenen waren, bracht ze ook het geloof. Cunera deed veel goed werk.
Allegonda, de vrouw van Radboud, zag hoe geliefd Cunera was en ook haar man was zeer ingenomen met het meisje. Ze vertelde dat Cunera oneerlijk was en ook dat ze stiekem brood meenam voor de armen.
Op een dag, bij het avondmaal met enkele vrienden, was Radboud het boze gepraat van zijn vrouw zat. Hij gelastte Cunera haar schort te openen, waarin ze net het broodkruim van de tafel had verzameld. Ze schrok, opende haar schort en.......het broodkruim veranderde op slag in spaanders hout.
Toen Radboud dit mirakel zag, gaf hij haar als teken van vertrouwen de sleutels van de voorraadkamers. Dit zette natuurlijk kwaad bloed bij Allegonda en zij zon op wraak.
Een paar dagen later, Radboud was met zijn jagers op valkenjacht, liet Allegonda Cunera roepen, nam haar haar sleutels af en samen met haar kamenierster wurgde ze Cunera, met de halsdoek die het meisje voor haar reis naar Rome van haar moeder had gekregen. De vrouwen begroeven haar in de stal en bedekte haar lichaam met stro.
Toen Radboud terugkwam, bediende Allegonda de dorstige mannen en vertelde dat de familie van Cunera haar had opgehaald en geen tijd hadden gehad om afscheid te nemen.
Ondertussen weigerden de paarden de stal binnen te gaan en ze waren zeer onrustig. De staljongen kwam vertellen dat er op de vloer van de stal drie toortsen dansten. Radboud en zijn jagers gingen in de stal kijken en al snel vonden ze het ontzielde lichaam van Cunera.
Radboud begreep meteen wat zich had afgespeeld, hij verbande zijn vrouw, die krankzinnig werd en van de Grebbeberg sprong. De kamenierster eindigde op de brandstapel.
Cunera werd begraven in een heuveltje aan de oostzijde van de burcht, een plek die nu nog Cuneraheuvel heet. Radboud en de zijne bekeerden zich tot het christendom.
In de loop van de tijd vonden er wonderbaarlijke genezingen plaats bij haar graf.
Ongeveer 300 jaar later, had de bisschop Willibrord van Utrecht beloofd een bezoek aan haar graf te brengen op de terugweg van reis met zijn schip. Hij kwam van Keulen en door de drukte vergat hij zijn belofte. Opeens stak er een vreselijke storm op, zijn schip kapseisde bijna en hij herinnerde zich wat hij had beloofd.
Hij ging aan wal en bij de Cuneraheuvel aangekomen, gelastte hij het graf te openen en daar........lag Cunera, geheel in tact met nog de worgdoek om haar hals.
Willibrord liet haar in een schrijn plaatsen en er werd een houten kerkje gebouwd. Later werd Cunera heilig verklaard en de worgdoek werd als een relikwie bewaard in een kistje.
Tussen 1400 en 1450 werd een grotere kerk van steen gebouwd en er werden bedevaarten gehouden. De route was ongeveer 35 km. lang, begon bij het Cuneraheuveltje, langs de huidige Cuneraweg door Achterberg tot aan het Egelmeer. Daarna langs de Rijn naar Elst(ut) en daarvandaan weer terug naar de kerk.
Deze bedevaarten trokken zoveel mensen, er kwam veel geld in het laatje en in 1492 werd er begonnen met de bouw van de Cuneratoren, die in 1531 gereed kwam.
Door de eeuwen heen hebben de toren en de kerk de nodige rampen doorstaan, met telkens weer de nodige restauraties. Ook na de 2e wereldoorlog moest er veel worden opgebouwd, maar de historische sfeer in Rhenen is zeker bewaard gebleven.
De Cuneraheuvel is de moeite waard en de bedevaartroute is een zeer gewaardeerde fietsroute geworden. De halsdoek wordt bewaard in het Catharijne Convent te Utrecht.
We kunnen met recht spreken van :

Rhenen, een schatje van een stadje aan de Rijn.
![]()